maandag 2 november 2020
Evangelicals in Amerika
vrijdag 1 april 2011
Met het vak filosofie, burgerzin, levensbeschouwing schiet Groen! haar doelen voorbij.
Referentie:
Oostveen, Daan, "Groen! buigt zich over onderwijs", De Wereld Morgen 21.3.2011 (laatste online raadpleging 1.4.2011).
Groen!, "Resolutie 3: Voor pluralisme en democratie", www.groen.be (laatste online raadpleging 1.4.2011).
Informatief extract:
Groen! pleit ervoor om de levensbeschouwelijke vakken facultatief te maken en een verplicht vak 'Filosofie, Levensbeschouwing en burgerzin' aan te bieden.
Creatieve commentaar:
De eerste reden is dat het volgens mij niet de rol is van een ecologische partij om zo’n sterk standpunt in te nemen over iets dat zowel bij (actieve) vrijzinnigen als (actieve) gelovigen gevoelig ligt. Ik heb er geen problemen mee dat een politieke partij op zoek gaat naar oplossingen voor bepaalde maatschappelijke problemen vanuit algemene maatschappijvisie. Hierin blijft het echter belangrijk een bepaalde diversiteit onder de kiezers te respecteren. Groen! jaagt met dit voorstel heel wat levensbeschouwelijk actieve kiezers, meestal hoog opgeleid en relatief ontvankelijk voor het ecologische gedachtegoed in het harnas (inclusief mezelf). M.i. focust een ecologische partij zich best op haar kern thema’s: ecologische en sociale rechtvaardigheid. Twee punten waarin heel wat kritische kiezers zich kunnen in vinden als het op een overtuigende manier vorm krijgt. Het zijn ook twee punten die vanuit heel wat levensbeschouwingen actief verdedigd kunnen worden. Door rechtstreeks de belangen van leerkrachten levensbeschouwelijke vakken aan te vallen (zeg nu zelf, wie ziet zijn vak graag als een facultatief vak dat leerlingen maar na de uren moeten volgen) en de ‘zuilen’ (beter de levensbeschouwelijke organisaties) die er achter steken snijdt Groen! volgens mij in eigen vlees. Daarom lijkt me dit voorstel ongeacht of het een goed voorstel is, ongewenst.
De volgende redenen zijn inhoudelijk. Het is volgens mij ondanks de goede bedoelingen een slecht voorstel. Zowel vanuit levensbeschouwelijk, als vanuit filosofisch en disciplinair oogpunt. Op zich is het onderwijzen van een levensbeschouwing vanuit een wetenschappelijk (‘neutraal’) standpunt niet slecht, maar het is onvoldoende en in de huidige context ook niet noodzakelijk. Ik denk dat jongeren nood hebben aan het ervaren en overdenken van authentiek beleefde levensbeschouwing. Dit kan alleen overgebracht worden door een leerkracht die zich open, maar geëngageerd vanuit een bepaalde levensbeschouwing opstelt. In een vak waar een levensbeschouwing van binnenuit bekeken wordt en andere levensbeschouwingen vanuit dit gekozen perspectief. De vraag in onze samenleving gaat niet zo zeer naar hoe we de ‘levensbeschouwelijke andere’ (de moslim/vrijzinnige/christen-medeburger) moeten bekijken vanuit een ‘neutraal’ perspectief, maar vanuit ‘ons’ perspectief. Bovendien is er in een geseculariseerde samenleving nood een betere profilering en explicitering wat ‘ons’ perspectief dan wel is: leren zowel zichzelf als de ‘ander’ levensbeschouwelijk te begrijpen en te plaatsen. De informatie vanuit een neutraal vak kan hierin een eerste aanzet zijn, maar is ruim onvoldoende. Levensbeschouwelijke authenticiteit is niet te vervangen door een ‘neutraal’ vak. Door het facultatief maken van een authentiek levensbeschouwelijk vak zal men de (van thuis uit) levensbeschouwelijk sterken sterker maken en de (van thuis uit) levensbeschouwelijk zwakkeren zwakker maken. Het induceert een levensbeschouwelijk Mattheus-effect. Hierin schiet Groen! dus m.i. haar doel voorbij.
Als filosoof in opleiding (ik volg de Master Wijsbegeerte aan de UA) heb ik er problemen mee dat filosofie, burgerzin en levensbeschouwing op een hoop worden gegooid. Filosofie is een (ondergewaardeerde) academische discipline (historisch de moeder van alle wetenschappen), een vak dat het kritische denken onderwijst in de brede zin en op zich niet aanzet tot burgerschap (werd Socrates niet terechtgesteld wegens het bederven van de jeugd?) of tot authentieke levensbeschouwelijkheid los van een kritisch in het leven staan. Filosofie kan een levensbeschouwing (of politiek engagement) een interessante tint of wending geven, maar bepaalt uiteindelijk de basiskleur niet zelf. Het onderwijzen van filosofie kan bijdragen tot kritisch burgerschap, maar valt allerminst samen met burgerzin. Integendeel filosofie kan resulteren tot het ondermijnen van die burgerzin beschouwd vanuit een specifieke opvatting van burgerzin. Het onderwijzen van onze filosofische erfenis of leerlingen gevoelig maken voor filosofische vragen is een goede zaak, maar ze in één vaktitel onderbrengen met burgerzin en levensbeschouwing is een slechte zaak voor de filosofie. Zeker als dit een eerste kennismaking inhoudt met de filosofie en het niet gaat over de meer specifieke verhoudingen tussen filosofie, burgerzin en levensbeschouwing (meer iets voor gevorderden). Liever authentieke filosofie en authentieke levensbeschouwing.
Verder kan men zich afvragen, wie dat vak gaat geven. Een filosoof-vergelijkende godsdienstwetenschapper die weet hoe hij burgerzin moet onderwijzen? De combinatie van de eerste twee is al erg lastig (de opleiding die ik nu krijg is er alleszins niet opgericht). Doe er burgerzin bij en je komt tot een onmogelijk combinatie. Dit zal om een specifieke opleiding vragen: een academische opleiding zonder academisch perspectief. Welke academische discipline onderwijst er burgerzin? De combinatie van levensbeschouwing, filosofie met burgerzin is op zich even passend als de combinatie burgerzin met biologie of met geschiedenis. Kennis van natuur en menselijk lichaam kunnen ook een goede basis zijn voor het aanzetten burgerzin: zorg voor de natuur, zorg voor de eigen seksualiteit, etc. Kennis van de historische achtergrond van onze huidige politieke, sociale, economische en culturele context eveneens: politiek bewustzijn, culturele gevoeligheid etc… Is een zo goed mogelijk gebruik van de eigen taal ook geen vorm van burgerzin? Of het leren van andere talen of het onderhouden van het eigen lichaam (L.O.) etc. Burgerzin moet ‘onderwezen’ worden door een school, niet door één vakleraar. Het proppen van burgerzin in een vak gaat aan de interdisciplinaire basis voor burgerzin voorbij: het is veel meer dan het begrijpen en respecteren van levensbeschouwingen. De opdracht van een school om leerlingen aan te zetten tot burgerzin is een opdracht van alle leerkrachten. Het voorstel van Groen! gaat voorbij aan de hedendaagse uitdaging om de vakidiotie te overschrijden door burgerzin te proppen in vak, terwijl het geen vak is.
Ten slotte zijn er volgens mij betere én goedkopere alternatieven: stimuleer leerkrachten om rond belangrijke maatschappelijke onderwerpen en algemene attitudes (niet-noodzakelijk erg levensbeschouwelijke thema’s) samen te werken. Bijvoorbeeld door het creëren van ruimte waarin de leergang van afzonderlijke vakken wordt doorbroken (al is het maar één week per schooljaar). Stimuleer levensbeschouwelijke leerkrachten om samen te werken, zodat er op een authentieke manier ruimte gecreëerd wordt om segregatie tegen te gaan. Bv. in de presentatie van de eigen levensbeschouwing tegenover de anderen, door bepaalde thema’s met een belangrijk levensbeschouwelijk gewicht (dood, geboorte, seksualiteit) vanuit diverse hoeken aan bod laten komen. Niet vanuit een geabstraheerde eenheidsworst gegeven door een leraar met een onmogelijk gevoelig en divers takenpakket, maar vanuit een beleefd perspectief. Dit kost misschien een andere onderwijsmentaliteit, maar volgens mij minder centen.
Mensen komen uit hun levensbeschouwelijke ivoren torens doordat ze zich sterk en geaccepteerd voelen. Niet nadat ze eerst aan de kant worden geschoven door een ‘neutrale’ bemiddelaar, die in feite niet bestaat en dus ook niet zal geaccepteerd worden.
Deze commentaar werd in een lichtjes andere versie ook verstuurd naar verschillende e-mailadressen van Groen!
maandag 2 juni 2008
De Koran lezen met Hans Jansen

Referenties:
Jansen, Hans, Zelf Koran lezen, Amsterdam: Arbeiderspers, 2008, 226 p.
Informatief extract:
[Klara website]
Creatieve commentaar:
Als men Jansen moet geloven is het geen gemakkelijk opgave, zelfs niet voor schriftgeleerden. Want het blijkt dat de Koran lezen is niet hetzelfde als de Bijbel lezen. Zowel inhoudelijk als structureel zijn er grote verschillen en de onduidelijkheden in de Koran blijken groter. Gedeeltelijk zijn de problemen met Koranlezen ook gemeenschappelijk met de problemen met Bijbellezen. De problemen met de Koran worden in deze aflevering duidelijk geschetst. Het probleem van de afwezigheid van klinkers in het Arabisch (zoals ook in het Hebreeuws), de gelijke symbolen voor verschillende medeklinkers, passages met een heel ongewoon vocabularium en de dikke laag van traditionele interpretaties die over Koran ligt. Inhoudelijk problematisch is dat de Koran sterke literalistische (letterlijk lezen) aanwijzingen bevat, die de Bijbel niet heeft. Aan het christendom blijkt nog wel verbouwd kunnen te worden, maar verbouwingen aan de islam lijkt voor Hans Jansen een zeer gewaagde onderneming met weinig slaagkansen.
Zelf vrees ik dat Hans Jansen wel eens gelijk zou kunnen hebben. Maar als christen en bijna-Islam-dummy is het natuurlijk niet mijn taak om dit te zeggen en zelfs Islam-specialisten moeten voorzichtig zijn. Zoals het een opgave voor christenen zelf was en is om op een vernieuwde manier met hun geloof om te gaan, zullen ook de moslims zelf over hun erfenis moeten oordelen. Kritische beschouwingen van academici kunnen hierbij wel helpen, maar zullen zeker niet volstaan omdat ze ook een omgekeerd effect kunnen hebben zoals dit bij de opkomst van literalistische stromingen binnen het protestantisme is geweest.
Het spreekt bijna voor zich dat het 'uitscheuren' of 'dichtplakken' van koran- of bijbelpagina's een vrij kinderachtige manier is van omgaan met een religieuze erfenis. Zoals het naïef rondstrooien van bijbels of evangeliën door evangelische christenen ook niet echt de beste methode is om de blijde boodschap te verspreiden. Het lezen van de Bijbel, en waarschijnlijk ook van de Koran, moet immers kunnen terug vallen op een bepaalde leescultuur. De verandering van leescultuur is een zeer belangrijke uitdaging voor een mogelijke vernieuwing in religies waar de Schrift een belangrijke positie inneemt.
De stap van een traditionele leescultuur naar een 'post-kritische' leescultuur is weliswaar een moeilijke stap om te zetten, maar m.i. zeker de moeite waard. Sterke voorbeelden kunnen zeker helpen.
dinsdag 1 april 2008
Rondas in gesprek met McGrath
Referentie:
Rondas, Jean-Pierre, "God is Groot! Neen, niet! Toch wel! Met Alister McGrath.", Klara 30.3.2008, 11u.Informatief extract:
[http://www.klara.be/html/08033039900.html]
Creatieve commentaar:
In het begin lijkt het dat er grosso modo hetzelfde gezegd wordt als op de lezing, maar het gesprek gaat zeker dieper dan de lezing, zeker m.b.t. het atheïsme. Bovendien voel ik hier een meer spontane en ook scherpere McGrath. Hij neemt hier een duidelijkere afstand van het 'fundamentalistische' protestantisme en het creationisme. En er is een levendige interactie tussen Rondas en McGrath.
De volgende commentaar is een beetje spijkers op laag water zoeken, maar ik zou toch enige opmerkingen willen plaatsen op wat McGrath zei.
Ik zou hier willen opmerken dat McGrath de reële situate i.v.m. het letterlijk bijbellezen en het creationisme zowel historisch als actueel niet helemaal correct weergeeft. Zowel in Groot-Britanië, Nederland als Duitsland zijn er sterke kernen van creationisme, die putten vanuit een zekere latente geloofstraditie: zowel vanuit traditioneel protestantse als vanuit evangelicale en pinksterbewegingen. Vanwege hun Amerikaanse invloed zijn er bij deze laatste evenwel frequenter radicalere vormen van creationisme op te merken. De scherpe vormen van creationisme uit Amerika lijken mij ook de latente weerstand tegen de evolutietheorie in orthodoxe protestantse en islamitische kringen te hebben gevoed.
Ook in katholieke landen zoals Polen en Italië komen vandaag anti-evolutionaire tendensen naar boven. Deze katholieke anti-evolutionaire reacties vroeger en vandaag zijn dan misschien niet literalistisch van karakter, maar zeker wel theologisch gemotiveerd. En hoewel er van in het begin van de opkomst van het evolutionisme openheid was bij katholieke wetenschappers, is er lang een duidelijke weerstand tegen de evolutietheorie geweest vanuit het Vaticaan, vnl. m.b.t. de mens. Een meer genuanceerde omgang met de bijbel en een zekere vrijheid voor wetenschappelijk onderzoek in de katholieke Kerk hebben een voedingsbodem voor een sterke creationistische beweging als "Scientific Creationism" belet. Maar pas met de encycliek Humani generis in 1950 ontstond er een officiële opening om openlijk over evolutie te praten.
Ik heb het gevoel dat McGrath door zijn refereren naar Augustinus de spanningen te rooskleurig voorstelt en ze beperkt tot het fundamentalistische protestantisme. Augustinus heeft zeker de positie van de katholieke kerk en de meeste protestantse stromingen in de relatie tussen geloof en wetenschap in de goeie richting gestuurd, maar daarmee is niet alles gezegd.
McGrath haalt Augustinus aan om zijn positie te verdedigen, maar vorig jaar hoorde ik nog een 'gereformeerd wijsgeer' (Marc de Vries, op 18.10.2007 in Deurne) in een lezing over geloof en wetenschap met Augustinus pronken om dan uiteindelijk een halfslachtige creationistische positie te verdedigen. Augustinus is voor veel conservatieve protestanten misschien voldoende om een pseudo- en anti-wetenschappelijk offensief als het "Scientific Creationism" te temperen, maar niet voldoende om de evolutietheorie aanvaardbaar te maken.
Voor een uitgebreider historisch verhaal zie vb.:
* De Bont, Raf, Darwins kleinkinderen, De evolutietheorie in België 1865-1945, Nijmegen: Vantilt, 2008, 523 p. (vnl. hoofdstukken 1, 5 en 9).
* Forster, Roger - Marston, Paul, "Conflict throughout history between Christianity and Science?", in: Reason and Faith, Eastborne: Monarch, 1989, p. 277-342.
* Smedes, Taede A., "Wat is creationisme?" uit "Is 'Intelligent Design' creationisme?" in: Niet los van God? - Geloof en wetenschap, Didier Pollefeyt en Ellen De Boeck (red.), Leuven: Acco, 2007, p.199-205.
* M.b.t. creationisme in Nederland zie vb. de programma's en publicaties van de EO in de jaren zeventig, de beruchte publicatie van Peter Scheele.
* M.b.t. creationisme in Duitsland zie vb. "Anti-evolutionists raise their profile in Europe", Nature 444 (2006), p.406-407.
vrijdag 14 maart 2008
De spanning tussen religie en moderniteit volgens De Dijn
Referentie:
Verhack, Ignace, "Religie Vandaag", Tijdschrift voor Filosofie 69 (2007) 1, p. 146-153. Uitgebreide boekbespreking van: De Dijn, Herman, Religie in de 21ste Eeuw. Kleine verhandeling voor voor-en tegenstanders. Kapellen: Pelckmans, 2006, 160 p.
Informatief extract:
"Herman De Dijn legt ons een studie voor waarin wordt nagedacht over de betekenis van de religie vandaag, dit in relatie to andere betekenis fenomenen zoals wetenschap, ethiek, politiek en humanisme. Het gaat om een cultuurfilosofisch en wijsgerig-antropologische studie waarin religie methodisch omschreven wordt als "onderdeel van de manier waarop de cultuur via haar symbolische categorieën en onderscheidingen de menselijke natuur, het menselijk leven en samenleven vorm geeft" (p. 9; ook p. 84). [...] Ofschoon de auteur in zijn inleiding een enigszins afstandelijk standpunt aankondigt, wordt gaandeweg duidelijk dat hij een verdediging van de relevantie van religie als traditie beoogt in een tijd waarin het officiële geseculariseerde en wetenschappelijke denken de religie verregaand afgeschreven heeft. Daardoor komt in dit boek het thema van de spanning tussen moderniteit en religie als traditie centraal te staan." [uit p. 148]
Creatieve commentaar:
Het thema religie en moderniteit is het heel interessant thema en het overdenken van de betekenis van het geloof van vandaag een blijvende noodzaak voor de kerk en theologen. De Dijn toont hier een nogal conservatief standpunt. Behalve religie als levensonderhoud en betekenisgever zou het volgens mij ook veranderingen moeten veroorzaken met de noodzakelijke onrust. Stil staan is vergaan. Interessant stuk om later eens te bekijken.
